July 2008

You are currently browsing the monthly archive for July 2008.

zonsopgang’s Morgens om 7:00 verlieten wij Corrobee Tavern Caravan Park voor een ritje over een hobbelige, onverharde weg (maar wij hebben een stoere campervan!) naar de Wilderness Explorer. Een enthousiaste man met een klein bootje vaart om half acht ’s ochtends een rondje over de Mary River: langs ‘zijn’ dieren. Hij weet precies waar de visarenden wonen (en welk paartje hoe lang samen is), waar de grote witte reiger zijn vaste visstekkie heeft, en hoe lang de krokodillen zijn als ze net hun ogen boven water uitsteken. Een prima gids dus!

krokWe zagen de zon opkomen boven de bomen terwijl we onderweg waren, en om half acht hing er nog een sprookjesachtige mist boven het water. Het duurde niet lang voor we de visarenden zagen: grote vogels met een nog groter nest, want ze bouwen elk jaar bovenop het oude verder. Hier groeien waterlelies met reuzegrote bladeren, waarmee ze het zonlicht vangen en het (regen)water afweren.
krok en reigerEven later was er de eerste krokodil - zo’n 2,8 meter. En toen de tweede, de derde, de vierde… het hield niet op! De krokodillen kwamen op de oevers liggen om zich te warmen in de ochtendzon. Ze ‘werken’ namelijk het best bij een lichaamstemperatuur tussen de 30 en 33 graden, dus ze zijn voornamelijk bezig met afkoelen en opwarmen. En eens in de twee weken een lekker eendje!

We zagen ook nog de ooievaar met zwarte kop en rode poten, diverse reigersoorten, fluitende eenden (ze kwetteren echt!), diverse roofvogels en nog meer… het was een prima tochtje! En eindelijk waren daar die krokodillen waar alle tientallen bordjes voor waarschuwen!

Nummer vijf kwam ik tegen (min of meer) in een souvenirwinkel in Darwin. Voor een tientje is het toch beter dan een zonnebril met een gebroken poot, of helemaal niets. Dus nummer vijf was een feit.

Op de Fogg Dam jongleerde ik weer eens met mijn uitrusting bij het wild-kijken: zonnebril op, verrekijker pakken, zonnebril af, ver kijken, fototoestel erbij, foto maken, zonnebril weer op… Zo gaat dat door. Ondertussen werden we op de Fogg Dam aardig lastig gevallen door vliegen. Kortom: zonnebril stond op mijn hoed, verrekijker voor mijn ogen; ik schud mijn hoofd en poef, de zonnebril valt in het gras. En wat denk je: poot gebroken. Halverwege deze keer, niet op de scharnier. Makkelijker te repareren, maar toch… nummer vijf is ook kapot!

Bij de supermarkt in Jabiru (Kakadu NP) heb ik superlijm gekocht. In combinatie met Leukoplast blijft nummer vijf nu in elkaar hangen en is nummer vier ook in gebruiksvriendelijke vorm hersteld (het ziet er alleen niet uit…!).

Litchfield NP

Onderweg naar het Litchfield NP hebben we de eerste typische Australische snelwegdingen ervaren: doodgereden wallabies, roadtrains en ruimte. De eerste zijn niet leuk - en er zijn er heel veel. De tweede zijn vrachtwagens met een grote cabine gevolgd door twee, drie of vier aanhangers en de derde… is heerlijk!

florence fallsLitchfield National Park ligt zo’n 100 km ten zuiden van Darwin, en dan nog een eindje ten westen van de snelweg. In Litchfield heb je diverse landschappen, maar het is er behoorlijk groen in het algemeen.
We zijn begonnen met ‘magnetische’ termietenheuvels. Deze hebben de vorm van een wig die op z’n brede kant staat, en hij staat met de brede kanten naar het Oosten en het Westen gericht. Dat betekent dat de beestjes volop zon krijgen - en daar is het ze om te doen, want al die termietenheuvels staan zo. Dat krijgen ze in hun genen mee!
We stopten die avond bij de Florence Falls - dat moest wel omdat onze vriendin zo heet! Ze heeft er maar geluk mee, met die waterval: het is een dubbele, en er is een heerlijke poel met verfrissend koud water om in te badderen. De campings in het nationale park zijn nogal basic, maar dat is geen probleem: warm water is er wangi fallestot de zon onder gaat (die verwarmt het namelijk) en daarna ga je lekker vuurtje stoken (wordt je weer mooi zwart van…). En ondertussen geniet je van de schitterende sterrenhemel. Ik weet dat ze boven Nederland in principe ook moeten staan, maar hier zie je ze echt al-le-maal, inclusief de melkweg. Sterren staren dus!

De dag erna zijn we naar de Wangi Falls gereden, waar we een ochtendbad genomen hebben. Brr, daar werd je wel wakker van… Daarna ontbijt met uitzicht op de hoge waterval, en ruziemakende vleermuizen in de bomen ernaast. Tja… genieten dus. De Tolmer Falls was de laatste waterval in Litchfield NP. Heeeel hoog, en het valt in een klein, groen, helder meertje. Ook mooi!

Tot slot gingen we op weg naar het andere nationale park: Kakadu. Een eindje terug richting Darwin, en dan de Arnhem Highway op naar het Oosten. Ja ja, Arnhem: de Nederlanders hebben hier wat stempeltjes op de geschiedenis gedrukt. Je hebt hier aan de noordkust ook het Groote Eylandt :-)

wetlandsLangs de Arnhem Highway is een wetland (moerasachtig gebied) dat Fogg Dam heet: er loopt een dam door een moeras. Hier hebben we aan het eind van de middag vogels gekeken. En wat een vogels: ganzen, reigers (in alle formaten en kleuren), lelie-lopers, ooievaars… noem maar op. Vooraan de weg stond een bord: “pas op voor schildpadden”. En dan denk je (net als bij die andere borden langs de weg…): “ja, ja”. Nou, hier wel dus..! Langnekschildpadden staken hier regelmatig de dam over. Hun nek is zo lang dat ze hun hoofd niet eens omhoog kunnen houden!

Op weg naar Kakadu…

Met ons vers verworven campertje zijn we de eerste dag niet zo ver gegaan: je moet namelijk eerst het papierwerk regelen, dan langs de supermarkt om (te) veel in te kopen aan voorraad, en dan wil je naar de Darwin Show - want dat is iets dat je gezien moet hebben, zeggen ze.
De Darwin Show is een kermis, braderie, een ‘laat-zien-wat-je-kunt’-tentoonstelling, een ‘koop-een-showbag’ (anders doe je niet mee)…. Het was erg grappig.
showbagsOm te beginnen met die showbag (zie foto): dat is typisch iets van hier. Je koopt een plastic zak met inhoud - die je zelf kan kiezen. De inhoud is uitgestald en je kiest een zak van een bepaalde prijs. Echt alle kinderen lopen met zo’n tas. Meestal is de inhoud snoepgoed en een speeltje - volgens mij is de inhoud veel goedkoper dan de zak ooit kost, maar goed. Ze hebben er lol in.
Dan heb je de wedstrijden. Er worden hier namelijk ook allerhande (boerderij)dieren gekeurd: duiven, geiten, kippen, ganzen, koeien, stieren… Alles wint hier prijzen. En als ik zeg alles, dan bedoel ik alles: de beste penen, eieren, courgettes, sla, muffins, taart, gehaakte kleedjes, gequilte doeken, schilderijen, orchideëen, bloemstukjes, pompoenen (72 kilo!), duifschoolwerkstukjes, legobouwwerken, aangeklede poppen, aangekleed fruit… Je kunt het zo gek niet bedenken - álles kan hier een prijs winnen. We moesten erg lachen om de hondenshow (vooral om de mensen die erbij lopen) en toen kwam nog de piggie race: vier varkentjes die, aangemoedigd door vier groepen in het publiek, een rondje rennen. Echt lachen - en superpopulair. Even verderop ging het er iets serieuzer aan toe bij de rodeo: rodeo op stieren, op paarden - gevolgd door de spectaculaire barrelrace voor meisjes en dames. En dat terwijl aan de andere kant een soort polo-wedstrijd bezig was (waarbij ze de bal in een stok met een netje vangen).

wereldbolDe volgende dag zijn we naar het Casuarina Coastal Reserve geweest, net ten Noorden van Darwin. Hier is een prachtig strand, dat bij eb ontzettend breed is. Dat was een mooi plekje voor de foto met de wereldbol (handig, zo’n camper, je hebt altijd alles bij de hand!). Dus daar issie: de wereldbol. En voor de kenners, de bijgeschreven tekst is van Pater Moeskroen :-)

Elke Rules!

Gisteravond zijn we aangekomen in Darwin - weer een vlucht achter de rug. Het was donker, dus we hebben nog niet veel gezien. Via de telefoon hadden we een hotelletje geboekt, maar dat bleek een superslonzige kamer in een backpackerhostel te zijn. Echt de meest waardeloze kwaliteit voor het geld in al  deze 10 maanden (dus reizigers, niet naar de Gecko Lodge in Darwin). Vanmorgen gingen we dus op pad voor zowel een nieuwe hotelkamer als een campervan voor de komende zes weken, en die vonden we heel snel. Bij Elke’s Backpackers kregen we uitgebreide hulp bij het vinden van een campervan, en een kamer voor een lagere prijs, omdat we de campervan via hen boekten. Dus… Elkes zijn goed!!

Vanavond is dus onze laatste hotelnacht, en dan hebben we voor zes weken hetzelfde bed - in onze camper. Het is overigens dezelfde als we in Cairns hadden, dus we weten wat we krijgen. En we hebben zin in de reis! De man die ons vanmorgen hielp, zei dat het een fantastische route is.

Dan nog dit: hoe het gaat met internetverbindingen onderweg (en stroom, for that matter), weten we nog niet precies, dus het aantal blogmomenten zou wel eens af kunnen nemen. Maar jullie horen van ons!

We hebben zeebenen. Althans, een beetje. De afgelopen vier dagen hebben op de boot van Taka doorgebracht voor een live-aboard naar Cod Hole, de Coral Sea en het Great Barrier Reef (GBR). Het duiken was veel, en fantastisch. We hebben Nemo gevonden, en veel van zijn broertjes, neefjes en andere familieleden. We hebben haaien en ‘cods’ (grote vissen) gevoerd (dat was een twijfelachtig, maar geweldig indrukwekkend gezicht). En we hebben genoten van de werkelijk schitterende koraallandschappen in allerlei kleuren, formaten en vormen.

Ik (Esther) was een beetje verkouden, en voor mij zijn alle duiken niet veel meer dan een safety stop geweest (max diepte 12 meter). Maar desalniettemin heb ik bijna alles gezien, want veel vis, koraal en ander onderwaterleven is te zien boven de 12 meter. Joost heeft wel gewoon diepe duiken gemaakt. Voor een meer gedetailleerd verhaal… 

Read the rest of this entry »

(foto’s volgen) Cairns is een leuk stadje, maar wij hebben snel geregeld wat we wilden: een live-aboard. Maar die vertrok pas een week later en dus hadden we een week ‘over’. Die hebben we goed gebruikt door te oefenen met het reizen (rijden) met een campervan. Met de laatste Toyota Hiace (met hoog dak) die nog beschikbaar was, zijn we het achterland van Cairns in gereden. Het was verrassend groen, met mooie kusten, hoge bergen en… regen. Lees verder voor het verhaal over Cape Tribulation, Lake Tinaroo, Ravenshoe en Atherton.

Read the rest of this entry »

(foto volgt) We staan met de wereldbol op het randje van Tully Gorge, in het Atherton Tableland, een kilometer of 100 ten westen van Cairns. De Tully Gorge was ooit een hoge, diepe, bruisende, spectaculaire waterval, maar dat is hij nu niet meer. Men heeft namelijk besloten om een dam te leggen in Lake Koombooloomba (zoiets was het), waardoor het water tegengehouden wordt. Sterker nog, het wordt om de waterval heen door buizen geloodst, waarbij aan het einde van die buizen (een paar honderd meter lager) de stroom wordt opgewekt. Prima natuurlijk, groene stroom. Maar hoe groen is het eigenlijk als je daarmee de natuur op z’n kop zet? Geen grote waterval meer, een hogere waterstand in het oorspronkelijke meer… Om nog maar te zwijgen van die enorme betonnen damwand. Maar goed, het is in ieder geval groenere energie.

Je zou verwachten dat het hier mooi weer is - dat deden wij ook. Het is tenslotte het groene seizoen, Cairns ligt bijna in de tropen, van het rif zie je alleen maar zonnige, blauwe plaatjes. Maar hier, iets verder landinwaarts, is het (op dit moment) behoorlijk bewolkt en miezerig. Het regenwoud dat hier is, moet natuurlijk op de een of andere manier groen worden - en hier heet het dan ook de Misty Mountains. Dankzij de regen lopen we al een paar dagen tussen enorme reuzen van 30 meter hoog. En ze zijn schitterend! Alleen kan je door de mist de Tully Gorge niet meer zien…

Toen we vertrokken, vorig jaar oktober (dat klinkt lang geleden!), had ik een zonnebril. Niet echt bijzonder, maar wel speciaal gekocht bij de opticien in de Nachtegaalstraat. Eentje met UV-bescherming, in de uitverkoop. Hij deed het prima eigenlijk, geen probleem. Alleen tegen de tijd dat we in Santiago waren, begon hij de vervelende gewoonte te ontwikkelen dat hij van mijn hoofd gleed als ik ‘m er bovenop zette. Dat werd zo irritant (en waar laat je anders een zonnebril?), dat ik bij een straatverkoper een supergoedkoop modelletje heb gekocht. Met van bruin naar wit verlopende glazen, zonder randje van het montuur. Die was leuk, maar naar een paar dagen bleek dat hij z’n zwakke punten had: omdat er geen randje van het montuur om de glazen zat, waren er schroefjes gebruikt. En binnen de kortste keren waren die dus los, dolgedraaid, of afgebroken.

In Arica (noord-Chili) heb ik toen maar een echte, degelijke, UV-beschermende zonnebril gekocht. In de uitverkoop, van een sportief merk, Reef, en eentje die goed zat, zowel op mijn neus als op mijn hoofd. Maar toen werd in Trujillo (Peru) mijn tas gestolen - met zonnebril (waar laat je anders een zonnebril als het al donker is?). Dat was behoorlijk balen! Aangezien de zon daar nogal sterk was, moest ik ook meteen een nieuwe bril: bij een opticien, maar wel aan de goedkope kant (ik blijf niet bezig…). Zat prima, en heeft het ook heel lang volgehouden.

Maar vandaag, na het voeren van de wallabies, had ik de bril, die overigens ook van mijn hoofd begon te glijden, op mijn hoed gezet (waar laat je anders een zonnebril als je een hoed op hebt?!). We stonden op het punt om weg te gaan, hadden afgewassen, en toen deed ik mijn hoed af om in te stappen. Na 1 minuut in de auto had ik het door: zonnebril kwijt! Een snelle manouvreuve achteruit naar de parkeerplaats en daar lag hij: geplet door onze eigen camper, met een afgebroken poot en een ontzet glas. En dat was nummer 4.

Nu zijn de winkels met zonnebrillen in het achterland van Cairns niet zo wijd verspreid, dus ik heb mijn zonnebril een tweede leven gegeven, zij het ietwat krakkemikkig. Met leukoplast (dat spul is echt goed voor alles!) heb ik het pootje weer vastgezet, en het is zelfs zo flexibel dat hij in zijn doosje past (dat eigenlijk het doosje van nummer 3 is). Totdat ik nummer 5 tegenkom…

P.S. Joost is aan zijn derde zonnebril bezig!

Cairns

Vandaag hebben we Sydney verlaten en naar Cairns gevlogen. Hier is het weer heerlijk warm. Volgens de weermannen was het in Sydney zeer koud. Wel 12 graden Celcius.
We hebben gelukkig snel een bed kunnen vinden hier. Nadat we ingechecked hadden, zijn we direct op pad geweest voor een Liveaboard op het Great Barriere Reef. We hebben een 5 dagen/4 nachten tocht geboekt welke ook helemaal naar de verste plaatsen gaat waar we hopelijk ook iets van walvissen gaan zien. Omdat die boot pas de 18e vertrekt, hebben we voor morgen tot de 18e een campertje gehuurd. Kunnen we alvast kijken hoe dat is met een camper op pad te zijn. We gaan naar Port Douglas in het noorden en dan nog wat het bos in hier ten westen van Cairns. We zullen dus wel weer even offline zijn komende week.

Even weggeweest

Jullie hebben ons misschien even gemist… Dat klopt, we waren er even tussenuit: naar Vanuatu wel teverstaan. Dat is een eilandenrijk ter hoogte van Cairns, dik 3 uur vliegen van Sydney. En daar kan je heel goed duiken! We hebben enkele dagen op Efate gezeten, voor twee rifduiken en twee wrakduiken-om-te-oefenen. Want daarna waren we een week op Santo, waar we op de SS President Coolidge gedoken hebben. Tien duiken naar een 200 meter lange cruiseliner, die in 1942 gezonken is als bevoorradingsschip, vol met legerjeeps, medicijnen, ballasttanks… noem maar op. Het was erg gaaf, we hebben heel diep gedoken en mooie dingen gezien. Het tropische weer deed echter niet echt mee (maar wij zaten toch onder water) - veel regen ’s middags en ’s nachts.

De verhalen en foto’s volgen, waarschijnlijk binnen een paar dagen. Internet op Vanuatu is niet te betalen (AU$ 15 per uur). Nu zijn we terug in Sydney. Hotels of cafes met gratis internet zijn hier ook met een lichtje te zoeken, maar we hebben nu in ieder geval een Thais restaurant waar we een wifi-verbinding hebben gevonden.

Voor de volledigheid: we zijn hier maar een paar dagen; donderdag vliegen we door naar Cairns.

kokosnotenovenEn toen hadden we, na het duiken, nog een dagje over. Je mag namelijk na (veel) duiken 24 uur niet vliegen. Dus de laatste dag bleef over. We zijn met een Spaans stel en hun zoontje naar een mooi strand gegaan, wat erg gezellig was. Alex en Sandra reizen door de Pacific, en Alex werkt tijdens het reizen aan zijn vertaalwerk. En ondertussen leert hun zoontje van 16 maanden lopen op de mooiste stranden van de wereld…

samen in zeeGelukkig was dit ook ongeveer de mooiste dag van de week dat we op Santo waren. Onderweg naar het strand reden we door palmplantages: hoge palmen waarin de kokosnoten groeien. Deze worden geraapt als ze gevallen zijn, en de kokos wordt eruit gehaald. Het witte vruchtvlees wordt gerookt boven een vuurtje gemaakt van de buitenkant van de noten. Uiteindelijk worden het producten die geëxporteerd worden naar Europa. We zagen zo’n fabriekje in werking.

riviertjeVerder was het erg groen, met af en toe een helder riviertje. Het strand, na anderhalf uur hobbelen, was schitterend: palmen, wit zand, blauw water, koraal… Moet ik ophouden? ;-)
We hebben heerlijk gepoedeld met de kleine Xavier, tot de zon te heet werd en we achter het varken aangingen dat hier als een hondje op het strand liep. Daarna werd het nog even tijd voor wat leuke foto’s… speciaal voor jullie! :-)

wereldbolHet kan natuurlijk wel, maar om de wereldbol mee te nemen naar 55 meter onder water… dat zag ik niet zo zitten. Dus deze foto is gemaakt vlak voor we de duik naar het zwembad van de SS President Coolidge gingen maken. We staan in (vrijwel) volledige ‘bepakking’ klaar om het water in te lopen. De Coolidge ligt in een soort ‘kanaal’ tussen twee eilanden. De kapitein dacht dat het een veilige entree naar de haven was, maar hij (een burger) wist niet dat daar mijnen waren gelegd om vijanden buiten te houden. En na twee botsingen met mijnen zonk in 1942 dit 200 meter lange schip.
Het was gebouwd als luxe cruiseliner in 1931. Mooi houtwerk, dure meubelen, zijden gordijnen en een zwembad met schitterend mozaiekwerk. Maar toen het zonk, was het schip omgebouwd tot bevoorradingsschip waar, in plaats van 800 passagiers, 5000 manschappen op zaten. Toen het zonk in Vanuatu, was het schip volgeladen met zowel die manschappen als voorraden. Tijd om de voorraden te verwijderen was er niet, maar alle manschappen zijn zonder paniek van het schip gekomen.

Het zwembad is er ook nog. Tijdens deze duik daalden we af tot 54,3 meter. Daar konden we het mozaiek van de zijkant bewonderen. De trapjes om het zwembad uit te komen, zaten er ook nog. Het grootste gedeelte van het tegelwerk is wel begroeid met koralen en andere zeeplantjes. En in plaats van mensen, zwemmen er nu vissen in….