Hawaii staat niet alleen bekend om de hula-meisjes en de tropische stranden (met grote hotels), maar ook om de vulkanen. Wij zijn op The Big Island bij het Volcano National Park gaan kijken. Vanuit Kailua-Kona betekende dat eerst een tocht langs de kust. We kwamen eerst langs Pu’uhonua o Honaunau - ruines van een koninklijk verblijf. En ik moet zeggen, ze hebben geen slecht plekje gekozen voor hun gebouwen van opeengestapelde lavastenen. Er zwommen hier groene schildpadden vlak aan het strand; groene palmbomen, blauwe zee…
Even verder weken we af van de snelweg om het zuidelijkste puntje van het eiland en heel de Verenigde Staten op te zoeken. Een bijzondere punt: links waren de golven ruw en zag je witte
koppen op zee; rechts was het rustig en kon er vanaf de kliffen gevist worden. Die golven van links sloegen op de lavarotsen en dat was een spectaculair gezicht. Je kon ook nog behoorlijk dichtbij het water komen, dus we hebben mooie series foto’s kunnen schieten. En de kleuren… prachtig!
Nadat we in het dorp Volcano een soort hostel hadden gevonden, zijn we eerst teruggereden naar het park toe. We wilden wel eens zien waar die grote rookwolk vandaan kwam die we aan de horizon zagen… ‘De vulkaan’ is eigenlijk een vulkanisch
gebied met diverse kraters. De grootste is zo groot dat het een caldera heet: Kilauea. Daarin zit de Halemaumau krater, en die is een paar maanden geleden uitgebarsten: sindsdien komt er een dikke pluim sulfaatdioxide uit een gat van zo’n 35 meter. Niet echt gezond, dus een gedeelte van het park is afgesloten; het uitkijkpunt voor deze krater was net boven dat gat…
Na een interessante videovoorstelling, over de activiteit in dit park van het afgelopen jaar, zijn we weer bij de krater gaan kijken. Nu de zon onder was, kon je de lava zien gloeien onder de rookpluim: brr… het is toch wel dichtbij zo!
De volgende dag…
De volgende ochtend zijn we weer naar het park gegaan. Behalve de Halemaumau krater is er nog een krater actief: Pu’u O’o. Vanuit daar loopt een tunnel met vloeibare, hete, echte, lava naar zee, waar het in het water valt. Hier ontstaat nieuw land! En ook weer een flinke stoompluim met sulfaatdioxide. Dat kon je wel
ruiken op de weg die we reden: raampjes dicht!
We reden over de Chain of Craters Road vanaf de Kilauea helemaal naar zee (zo’n 1000 meter lager). Daar houdt de kustweg op - de lava is een jaar of 10 geleden over de weg gespoeld en sindsdien is de weg dus afgesloten. Wel heel raar om te zien: dat die lava vloeibaar was, over de weg gekropen is, en toen gestold. En nu krijg je het echt niet zomaar meer weg!
Als je over de lava loopt, klinkt het soms een beetje hol van alle gasbelletjes die in de
lava zitten.
Hier zagen we vanaf een klif ook nog een mooie boog, die dus niet helemaal ingestort was.
Op weg terug naar boven stopten we diverse keren bij mooie uitzichtpunten: je ziet dan de lavastromen als zwarte, stille rivieren door het landschap lopen: waar ze de heuvels afkwamen en waar ze in zee terecht kwamen (of net niet). Soms zijn er stukjes bos die opeens onderbroken worden door een zwart veld. Brokkelige lava die eruit ziet als een omgeploegde akker heet pahoehoe; lava die glad is met ‘opgestroopte’ribbels heet a’a. En er is van allebei een heleboel.
Weer hoger op de vulkaan begon het te regenen. Tussen de lava door werd de begroeiing ook steeds groter en groener. Bij de Thurston Lava Tunnel was het een bos van varens geworden. Door de lavatunnel stroomde ooit de hete lava, nu kan je erdoor lopen. Wel een speciaal gevoel om zo ‘in’ het hart van een vulkaan te zijn.
We hadden ook twee kijkjes in twee kraters: een heel groot, breed, maar niet zo diep.
Hier was tot 1959 een meer van roodgloeiende lava: nu is het gestold en komen er nog wat kleine rookpluimpjes uit - maar je kan er zelfs overheen lopen! De andere was ontzettend diep, en de vraag is: wat is daaronder gaande, verzamelt zich hier meer lava voor een nieuwe uitbarsting?
’s Avonds zijn we bij stoompluim gaan kijken waar lava in de zee stroomt. Dat was op het punt waar de weg die we ’s morgens onder de lava zagen verdwijnen, weer tevoorschijn komt. Of ophoudt, als je van de andere kant komt… In ieder geval was het aan het einde van de weg. Na een stukje wandelen over a’a, kwamen we op het uitkijkpunt. Het leek nog redelijk ver van de actie, maar dat is natuurlijk niet voor niets. Er schijnt hier wel eens een nieuw stukje land zomaar weer af te breken en in zee te storten, dus ze houden je op veilige afstand.
Je kunt de lavatunnel vanaf Pu’u O’o zien: hier en daar stijgen rookwolken op uit de bosjes op de helling van de vulkaan. Als je die (met het oog) volgt, kom je uit waar de lava zich in zee stort. Door de stoompluim heen konden we af en toe de lava zien: rood-oranje gloeiend, echt een stroom die uit het land komt.
Langzamerhand ging de zon onder, en daardoor zagen we steeds meer van de rode gloed die van de lava af kwam. En dat was een bijzonder gezicht! En het ging (en gaat) maar door… je zou bijna denken dat het binnenste van de aarde toch een keertje leeg moet zijn…
Al met al een indrukwekkende plaats om te zijn: moeder aarde bouwt hier even een groter eilandje!
No comments
Comments feed for this article