Otavalo ligt in een dal, omgeven door groene hellingen, hoge bergen en vulkanen. Alleen die laatste hebben we niet gezien, want het is een beetje te bewolkt geweest de afgelopen dagen.
We hebben een tocht gemaakt naar de laguna van Cuicocha, op 3100 meter hoogte. Heel gezellig, met twee Belgische meiden die stage lopen in het Amazone-gebied en David, de gids. De wandeling ging rond dit oude kratermeer: omhoog (tot 3500 meter) en omlaag langs het water, met telkens een ander schitterend uitzicht op het donkerblauwe water en de twee eilandjes in het midden. In het water zijn geen vissen of ander leven, en op het diepste punt is het meer 200 meter diep.
De wandeling ging over de groene hellingen, van graslanden met als verrassing wat grazende koeien, tot nevelwoud met bromelia’s. Er groeiden orchideeën en allerlei andere mooie bloemen en planten. David, wees ook nog even wat geneeskrachtige planten aan: een soort munt, een anti-insectenboom, en anijs. Dat laatste groeit zomaar op het wandelpad!
Daarna zijn we naar een klein dorpje gegaan, waar Jose Carlos de la Torre, een 75-jarige man, wol verwerkt tot dikke, warme sjaals en poncho’s.
Jose liet zien hoe hij eerst de gewassen wol ‘kamt’ (zie foto), waardoor het heel zacht wordt en fijn van structuur. De rolletjes die hij daarmee maakt, wrijft hij aan elkaar, en dan gaat het naar de spinmachine. Er zit een spindel op die aangedreven wordt door een groot wiel. Door daaraan te draaien, ontstaat de wollen draad. Eventueel wordt die nog met natuurlijke verfstoffen (planten) geverfd, en dan gaat Jose aan het weven. Hoe zo’n weefgetouw in het Nederlands heet, weet ik niet; in het Engels is het een ‘backstrap’, omdat Jose door een leren riem achter zijn rug het weefsel strak houdt. We hebben hem een tijdje aan het werk gezien - en ik snap er niets van, ik kan het in ieder geval niet uitleggen, maar hij maakt er een mooie sjaal van! Tot slot wordt de sjaal behandeld met een kam van kaardedistels, waardoor het weefsel lekker zacht en pluizig wordt. Wat een werk! De sjaals (smal en breed) zijn heel erg dik (ik vond ze niet zo prettig om mijn nek), maar heerlijk warm.
In een ander klein dorpje zijn we naar een muzikale familie geweest, waar iemand in 5 minuten een klein panfluitje in elkaar zette. De stemming? Dat gaat allemaal op het gehoor (afgestemd op het vorige panfluitje) en de toonsoort is afhankelijk van de muziek die ze gaan maken.
We kregen in dit klein winkeltje/workshopje ook nog een voorstel van de hele familie, met gitaren, trommels, panfluit, zang en de twee dochters in klederdracht met een rammelaar van schapen- of geitentenen (echt waar! - ze zijn ook bij de Wereldwinkel te krijgen). Erg leuk om te zien!
Een mooie (en gezellige!) dag in de omgeving van Otavalo.
1 comment
Comments feed for this article
April 12, 2008 at 7:54 pm
Claartje
Wat geweldig, wij waren twee jaar geleden bij precies dezelfde muzikale familie, natuurlijk een panfluitje gekocht en stel je die dochters twee jaar jonger voor: dat was een aandoenlijke voorstelling!
Aftellen richting Galapagos, veel groeten, Claartje