De rechterhelling van Baños was wat hoger, dat hadden we wel gezien. Alleen niet als je op de kaart keek (het is dan ook een hele slechte kaart, zo bleek): vanuit Baños steek je de brug over, dan begint er een weg naar boven, maar er zijn ook twee wandelpaden.
Het eerste wandelpad, dat net na de brug zou starten, hebben we nooit gevonden. Dus liepen we door, genietend van de zon en de steigende weg (?), en de akkers om ons heen. Toen stonden we opeens op een kruising - dat was wel duidelijk aangegeven. Maar waar begon nu het tweede wandelpad? Vijf haarspeldbochten later (omhoog) hadden we nog steeds niets gevonden, en we hielden een auto aan om het te vragen. Die man wist ook van niets, want hij was een Ecuadoraan uit Ambato, op stap met zijn familie. Maar we mochten wel meerijden naar boven in hun grote Jeep voor zeven personen. Jippie! Zo kwamen we in ieder geval boven! Die haarspeldbochten gingen erg soepeltjes met die Jeep
“Boven” was waar de antennes staan. Ik denk zo’n 800 meter boven Baños en (volgens het bord) 8 km rijden van Baños. Wij bedankten de man en zeiden (vol goede moed) dat we naar beneden gingen lopen, daar hadden we tenslotte de hele middag voor…
Vanaf de top heb je een schitterend uitzicht op de vulkaan Tungurahua. En we konden dus ook zien hoe actief hij eigenlijk was: iedere 10 minuten stootte de vulkaan een stevige wolk stof en as uit. Meestal zat dit verborgen achter gewone, witte, wolken, maar soms zag je ineens zo’n zwarte wolk er tussendoor groter groeien. Brr. Wel spannend toch: dit is de meest actieve vulkaan die we gezien hebben. De poefjes van Arenal (Costa Rica) zijn er niets bij!
De stof- en aswolken dreven naar links en daar zag je na een tijdje een soort schuine strepen in de donkere, sombere lucht. Volgens ons vulkanologisch inzicht was dat het stof dat weer naar beneden kwam.
Toen de show van de Tungurahua over leek (of eerder, de witte wolken benamen ons het zicht), zijn we naar beneden gaan lopen. Via paardenpaadjes sneden we de eerste paar haarspeldbochten van de weg af, dat schoot lekker op. Toen kwamen we weer op de weg en namen een ander pad en zijn we ergens linksaf geslagen naar een klein koeienpaadje in een weiland. Misschien minder slim? Afijn, we hadden wel mooie uitzichten op de
rommelende vulkaan. Nu we wat uit de wind liepen, was de Tungurahua ook te horen namelijk. Een diep, donker gerommel - en dan kwam er weer zo’n zwarte wolk.
Dus alles was prima, tot we bij een huisje kwamen. Daar waren twee hondjes aan het spelen, en ze kwamen al kwispelstaartend op ons af. Hmm, dat viel mee. En ze gingen blaffen. En toen kwam daar nummer 3, de lelijkerd van het stel, die duidelijk liet blijken dat hij niet wou spelen. Blaffend, grommend en met ontblote boventanden kwam hij op ons af. Hij was weliswaar niet zo groot, en blaffende honden bijten niet, maar hij deed zijn werk goed en wij gooiden wat stenen in zijn richting en trokken ons maar terug. Waardoor we geen pad meer hadden om te volgen.
Op goed geluk zijn we toen door het weiland de steile helling afgedaald (deed zeker niet onder voor een zwarte piste, had er sneeuw gelegen), maar dat liep een beetje dood op een
bamboe-bosje met een hek eromheen en een steile afgrond. Dus die 50 meter moesten we weer terug omhoog klimmen, om over hetzelfde pad terug te kunnen lopen. Ondertussen waren de witte wolken voor de vulkaan weggetrokken en kregen we een blik op de top. En al die tijd hoorden we het gerommel van de vulkaan… Gelukkig konden we Baños ook zien, en er was geen teken dat ze de stad aan het ontruimen waren, dus we namen aan dat het wel goed zat met die vulkaan, ondanks het gerommel.
Toen we eerst een antenne en toen de weg in beeld kregen, zijn we nog twee keer door een weiland omhoog geklauterd en toen waren we weer op de weg. Poe hee. We waren zo’n 200 meter en anderhalf uur verder van het moment dat we het ‘andere pad’ begonnen waren.
En nu hoefden we nog maar zo’n 6 km naar beneden te lopen (het was inmiddels 15:00).
Gelukkig heb je in Zuid-Amerika vrijwel altijd auto’s rijden waar je achterin kan springen, zeker in landelijke gebieden. Dus voor $1 zijn wij achterin een vrachtwagentje gesprongen. Er zaten al drie mensen (met wat kannen koeienmelk) en zo waren we snel beneden. En inderdaad, geen ontruiming, geen paniek: die vulkaan rommelt al zo lang dat de mensen er niet of nauwelijks aandacht aan besteden. Eerder andersom: ze organiseren tourtjes met vrachtwagentjes waarmee je voor $3 ’s avonds diezelfde rechterhelling oprijdt, zodat je de lava kan zien. Wij hebben het even gecheckt en volgens ons zie je voornamelijk wolken, maar dat is de houding van de mensen hier!
Al met al hadden we een behoorlijk avontuurlijke wandeling achter de rug, dus we waren wel blij om even in het hostel uit te rusten. We hebben een gezellig hostel, Plantas y Blanca heet het, met een zonnig dakterras, heerlijk ontbijt en een mooie kamer. Dus we blijven hier lekker nog even zitten tot we naar Quito gaan. We moeten tenslotte de warmwaterbaden van Baños nog bezoeken!
No comments
Comments feed for this article