Ik moest ‘m goed vasthouden, die wereldbol, anders was ik ‘m echt kwijt geweest. Op dit uitstekende stukje rots hadden wij een uitstekend uitzicht over de Canyon de Colca.
We waren ongeveer halverwege de afdaling, en we moesten nog een heel eind: ons doel voor de eerste dag was het dorpje dat rechtsonder ons ligt: San Juan de Chuccho. Je ziet de witte stipjes: de daken van de huizen.
Achter ons liggen Cosñira (rechts) en Malata (links), de dorpjes waar we de twee dag door zouden lopen.
Als je daar zo staat, is het onvoorstelbaar dat je toch in slechts een aantal uren naar die dorpjes kunt lopen. Ze lijken zo ontzettend ver weg! En de benenwagen is het enige vervoermiddel dat je daar brengt (tenzij je op een ezeltjes of muildier gaat zitten). Er zijn geen auto’s, er is geen supermarkt van betekenis. Wij kochten een flesje cola dat over de datum was (net). Dat kan daar! Deze dorpjes hebben pas sinds een jaar electriciteit. Maar dat betekent niet dat ze nu een koelkast hebben. Nee - aardappels bewaren ze in kisten bekleed met riet (een jaar lang!), maïs bewerken ze tot meel of een soort popcorn, vlees wordt gezouten en gedroogd in de zon, aan de waslijn.
Als je hoort hoe de mensen hier leven - het is echt een reis met de teletijdmachine die je dan maakt!
No comments
Comments feed for this article