Zo, na een tocht door Costa Rica (zonder laptop, door nevelwouden, langs meren en  in gebieden waar nog geen internet beschikbaar was of zelfs telefoon is!!) zijn we nu weer in een soort van beschaafd gebied ;-) Playas del Coco, waar we in 2005 woonden, en in 2006 terugkwamen. Dus hebben we hier veel bekenden, en we hebben gisteren al snel een rondje gedaan: Terry & Billy (toen van de duikschool), Romy (van ons mini-huisje), Ruud & Odette (en Scuby, van de ijsthee), Martin en Brenda (van Rich Coast Diving), Valerie (Franse duikinstructrice, nu kok), Nancy (ofwel ‘Honey’, omdat ze dat altijd zegt), en nog veel meer.
We hebben een apartementje gehuurd, met een keukentje en alles erop en eraan. Lekker voor de komende 12 dagen, even een thuisje.

In die 12 dagen gaan we ook de site bijwerken, want we lopen nogal achter met alle verhalen en foto’s. Aan de foto’s wordt gewerkt - over een paar minuten staan er 100 nieuwe foto’s op. De verhalen (vanaf de Galapagos) volgen de komende dagen, dus houd de site weer in de gaten!

Erg snel internet is hier echter niet, en het is prijzig, dus we doen ons best voor jullie, maar heb geduld!

Gisteren afscheid genomen van Otto en Anja, een ‘tot ziens’ - we weten alleen nog niet wanneer en waar. We hebben genoten van de rust bij El Mono Feliz, bedankt!!

Tussen ‘het Zuiden’ en San José liggen hoge bergen: het hoogste punt is zo’n 3000 meter. Dat heet Cerro de la Muerte (berg van de dood). Oorspronkelijk omdat het hier zo kon spoken dat de mensen die hier vroeger te voet passeerden, wel eens niet aankwamen. Nu lijkt het nog steeds van toepassing, maar dan omdat de Costaricanen (tico’s) als gekken rijden over de tweebaansweg door de bergen. Tunnels zijn hier niet, scherpe bochten en diepe afgronden wel. Er gaat dus nog wel eens wat fout, en inhaalacties worden soms met ware levensverachting uitgevoerd (wij wachten rustig tot er een recht stukje weg is).

En daar, bij kilometerpaaltje 107, ligt het dorpje Division. Het is in 10 jaar nauwelijks veranderd, en dat weet ik omdat ik zo’n 5 kilometer verderop een half jaar in Avalon woonde. Toen nog een hotel, nu een self-sustaining boerderij, opgebouwd door Glenn. We hebben heel Avalon met Glenn bekeken: er is een visvijver met forel; een van de cabina’s is omgebouwd tot een gezellig mini-huisje voor gasten; er zijn ‘kassen’ van plastic waar sla, bloemkool en broccoli geteeld wordt; de bramenstruiken worden weer bijgehouden; en Glenn heeft zijn eigen huis gebouwd. Het is een schitterend huis, met een aangebouwde kas waar tientallen soorten orchideeën hangen die ze gevonden hebben in het omringende nevelwoud. Sommige soorten kan Glenn zelfs niet terugvinden in de boeken! Avalon blijft een speciale plaats, en nu de boerderij van Glenn vorm krijgt, ziet het er echt uit als een perfect plekje!

Dertig kilometer verderop zijn we de Cerro de la Muerte voorbij en komen we (kilometer 80) bij San Gerardo de Dota. Hier hebben Joost en Maria-Louisa Dantica, een hotel-galerie. In de galerie staan allemaal kunstwerkjes uit Costa Rica en Zuid-Amerika, echt schitterend. Het hotel bestaat uit een aantal luxe cabina’s, met een schitterend uitzicht over de vallei, die volledig begroeid is met bomen: allemaal nevelwoud. We hebben mooie wandelingen gemaakt naar de rivier, zo’n 300 meter lager. Helaas geen quetzal gezien, maar wel constant de mooie roep van de black-faced solitaire op de achtergrond. Het is een metaalachtig geluid, zo mooi!
We hebben genoten van de gastvrijheid van Joost en Maria-Louisa en ook van de luxe: een jacuzzi hadden we nog niet eerder in onze hotelkamer! En dat donzen dekbed was ook heerlijk (het kan daarboven wel eens fris zijn!).

Het nevelwoud blijft een heel bijzonder gebied, ik vind het schitterend: die begroeide bomen, mysterieuze vogels… En voor de Costa Rica-gangers: Monteverde is echt niet het enige nevelwoud hoor! Rijd eens naar het Zuiden!!

Wij wilden ook graag naar het Peninsula de Osa, omdat we daar nog niet eerder echt geweest waren. En vanaf Otto en Anja is dat niet zo heel ver, dus we waagden het erop. We reden in dik anderhalf uur (dat was iets meer dan gedacht) net het Peninsula op, bij het dorpje Rincon. Daar vlakbij hebben Jan en Ina hun hotel Jamanasin. Ze zijn pas in oktober vorig jaar naar Costa Rica gekomen, maar het ziet er al heel netjes uit. Mooie, ruime kamers en heel veel groen om het hotel. Toekans, papegaaien, gifkikkertjes… het kan niet op! Lees meer!

Read the rest of this entry »

Dankzij de gastvrijheid van Otto en Anja (ja, kijk nog maar eens naar dit leuke hotelletje in Zuid-Costa Rica!) konden we even uitgebreid internetten, heerlijk! Dank je wel!

Daarom is er nu een update met stukjes over de eilanden van de Galapagos (na het algemene verhaal):

Over het duiken is ook een heel verhaal beschikbaar, maar dat staat op de laptop die in San José ter reparatie ligt. Net als de meeste foto’s trouwens, dus het duikverhaal en de foto’s houden jullie allemaal nog te goed!

Thuis

Zo, we zijn nu ongeveer halverwege onze reis en lekker even ‘ thuis’ in Costa Rica. Leuk om weer even vrienden te zien en overal hartelijk begroet te worden. We zitten nu in het zuiden bij Otto en Anja in Hotel El Mono Feliz (de gelukkige aap). Hier hebben we weer even internet dus even de mail gelezen en de financien gecontroleerd.

Na aankomst in CR hebben we eerst een dag in San Jose gewinkeld. Even de noodzakelijk spullen halen zoals contactlensvloeistof, de laptop weggebracht voor reparatie en een nieuwe batterij voor mijn horloge. We zagen een aantal mensen bij een tv-winkel voor de ruit naar voetbal staan kijken. Hé, voetbal op tv, dan is Cor thuis, dus hup in de taxi naar Santa Domingo en ja hoor, hij was thuis. Even gezellig bij gekletst en we zijn weer op de hoogte van het wel en wee van de Club Holandes. Uiteraard ook gezellig gepraat met Flor en Peter van Hotel Dos Palmas waar we verbleven. Ze hebben een nieuw hotel in La Garita wat erg groot en mooi is.

We hebben ook al een toertje naar Tortuguero gemaakt, een groot natuurreservaat in het noord-oosten van CR. Zeer mooi, zeer veel vogels en beesten gezien. Een soort biesbosch, maar dan tropisch en veel groter. Is beroemd vanwege de vele schildpadden die er eieren komen leggen, maar jammer genoeg niet in dit jaargetijde.
Gisteren zijn we naar het zuiden gereden waar we nu zitten. Even een paar dagen niets doen. Beetje administratie bijwerken, zwembad liggen en lezen in een hangmat. Ja, het leven van een wereldreiziger valt soms niet mee. :-P

De dag na ons regeldagje in San José zijn we naar Tortuguero gegaan. Dit Nationaal Park ligt in het Noordoosten van Costa Rica en is alleen goed bereikbaar per boot. Nu kan je dit zelf allemaal regelen, maar wij deden het eens makkelijk en namen een tweedaags toertje vanuit San José.

 Met een luxe bus gingen we naar het Oosten: eerst door NP Braullio Carillo, een nevelwoud, waarin zich ook Costa Rica’s enige tunnel bevindt - “De kortste en de langste“, aldus de grappige gids…

Read the rest of this entry »

Zo, we zijn weer terug in de bewoonde wereld, Quito. We hebben honderd procent genoten van onze 10 dagen op de Galapagoseilanden!!  Er komt natuurlijk een volledige update met foto´s enzo, maar ons schip ging de afgelopen week zo hard heen en weer dat er helaas een biertje over het toetsenbord van de laptop viel, waardoor het hele ding nu problemen heeft. We zijn op zoek naar een service center in Costa Rica om het te verhelpen, maar dat betekent wel dat ik geen toegang heb tot mijn netjes voorbereide verhalen uit de Galapagos… Dus nu even snel, vanuit een internetcafe.

Galapagos is een verzameling eilanden, en wij hebben de eerste 8 nachten in Puerto Ayora op Santa Cruz doorgebracht, het belangrijkste dorp. Van daaruit hebben we duiken gemaakt (Joost 12, ik 10) voor de kust van verschillende eilanden. Toen zijn we aan boord gegaan van zeilschip Encantada, waar we met 12 toeristen, 1 gids en 5 bemanningsleden mee rondvoeren door het zuidelijke deel van de eilanden. Vanaf de boot hebben we de eilanden zelf bezocht, en ook hebben we veel gesnorkeld. Het was echt schitterend!

Duiken
De eerste duiken hebben we bij het eiland Floreana gemaakt. Direct viel het op dat het onderwaterleven op dat van Costa Rica lijkt, maar dat hier de vissen (zoals de papegaaivis) veel groter zijn. We zagen ook veel witpunthaaien, en vooral de staarten van de hamerhaaien: die zwommen telkens weg als we ze zagen.  Ook waren hier veel schildpadden, schitterende green sea turtles, die door het water zweven.
Daarna hebben we gedoken bij Gordon Rocks en Bartolome Island, waar we vooral weer telkens net geen hamerhaai zagen, maar wel weer veel schildpadden en andere mooie vissen. We hebben hier ook (weer) met zeeleeuwen gezwommen, ook erg leuk. Toen namen we een dagje rust, en mijn laatste duiken heb ik gemaakt bij Gordon Rocks: we sprongen het water in en nog geen 5 minuten later hadden we al een grote school hamerhaaien voorbij zien komen. Nu konden we hun rare koppen duidelijk zien, en het waren er wel een stuk of 30! Indrukwekkend!
Joost heeft de laatste duikdag nog gedoken bij North Seymour, waar het toch ook weer net anders was, en erg mooi.

Het dorp
Puerto Ayora is een echt toeristendorp, met een hele rij souvenirswinkels - voornamelijk met t-shirts met prints van de dieren: blue-footed boobies, zeeleeuwen…
Er is ook een soort visafslag, waar de vissers hun vis schoonmaken en verkopen, en waar pelikanen en zeeleeuwen een beetje restafval (of zelfs een hele vis!) proberen te scoren. Dit is een erg vermakelijk tafereel, en we hebben daar ook vaak naar zitten kijken.
Verder liggen in de haven allemaal toeristenboten, en wat vissersbootjes. Er lag zelfs een catamaran met een Nederlandse vlag!

De cruise
De Encantada viel iets kleiner uit dan gedacht (maar de plaatjes lijken natuurlijk altijd mooier) , maar hij had wel sfeer: een mooie, rode zeilboot die  lekker op de motor voer :-) De kamer was natuurlijk inieminie klein voor onze twee rugzakken en het stapelbed, maar met wat coordinatievermogen, in harmonie met de schommelingen van het schip, kom je een heel eind. De eerste twee dagen hebben we ´s nachts gevaren, waardoor we wel wat nachtrust tekort kwamen - je lijf zegt namelijk, “Pas op, je bed beweegt!“, waardoor je wakker wordt. Maar daarna hebben we twee nachten in rustig water stil gelegen, dan is het een lekker wiegende beweging, niets mis mee.

De bezoeken aan de eilanden waren telkens anders: andere lavaformaties, veel groen, veel vogels, weinig vogels, veel iguana´s: we hebben vanalles gezien. Het programma:

  • Santa Cruz: bezoek aan Charles Darwin Station waar ze landschildpadden (van die HELE grote) fokken om op het juiste eiland weer uit te zetten. Ieder eiland heeft namelijk zijn eigen subsoort. Op het eiland Pinta was nog maar 1 schildpad over - hij heet Lonely George en woont nu op Santa  Cruz, maar hij wil niet samen met de vrouwtjes van een ander eiland - zijn soort is tot uitsterven gedoemd!
  • Floreana: een kaart gepost in de postbus die de zeilschepen vroeger gebruikten om post te ´versturen´ tussen Amerika en Europa: een houten ton waaruit je kaarten kan meenemen om zelf te bezorgen.  En we liepen in een tunnel die ontstaan is door een ondergrondse lavastroom. Bij het snorkelen heel wat baby-witpùnthaaien gezien (van max. 1,5 meter) en stingrays.
  • Española: wat mij betreft het hoogtepunt. Hier zie je een onvoorstelbare hoeveelheid zeevogels: meeuwen in diverse soorten, de boobies (blauwvoet en Nazca), zee-iguana´s en albatrossen (de enige plek waar zij landen!!). Het was echt fantastisch mooi.
  • San Cristobal: Isla de Lobos bezocht, waar honderden zeeleeuwen op het strand liggen en zich laten benaderen tot heel dichtbij - ze hebben niets te vrezen van mensen!
  • Santa Fe: Prima gesnorkeld met grote scholen yellowtail surgeonfish en weer een schildpad (hoera!). En landiguana´s gezien: reuzegroot!
  • North Seymour: Een herhaling van alles: blue-foot boobies, landiguana´s, zeeiguana´s, zeeleeuwen (maar nu ook fur seals, met bont), en een kolonie fregatvogels met mooie opgeblazen rode keelzakken.

Kortom: het was fantastisch. We hadden een gezellige groep op de boot: Fransen, Engelsen, Zwitsers en wij. De bemanning was superaardig. ´s Avonds laat heb ik met de kapitein sterrenbeelden gezocht: de grote beer staat ondersteboven net  boven de horizon, en het zuiderkruis is goed zichtbaar (de Galapagos ligt net onder de evenaar). En de melkweg natuurlijk!

De plannen: morgenochtend akelig vroeg op (5:00) voor de vlucht naar Miami, waar we na 6 uur wachten (tax free shoppen voor een nieuwe camera!) weer naar het zuiden vliegen, naar Costa Rica. Daar wacht Peter op ons, als het goed is. Na een dagje dingen-regelen in San Jose gaan we voor twee dagen naar Tortugero NP, en dan rijden we in een huurauto naar Otto en Anja. Het blijft voorlopig dus nog even karig met de updates van het blog, want we hebben een druk programma!

De Encantada lag in het kanaal tussen Baltra (waar het vliegveld is) en North Seymour, waar we ons laatste landbezoek deden. We zagen hier een paar fur seals (zeeleeuwen met bont) en waar we aan land gingen lang een moederzeeleeuw met een jonkie. Het jong was erg nieuwsgierig naar ons en kwam al ‘jankend’  naar ons toe, en hapte zelfs naar onze benen! Gauw omhoog dan maar…!

Op dit eiland zitten landiguana’s, zee-iguana’s en een kolonie fregatvogels. Veel van de mannetjes hadden hun knalrode keelzak opgeblazen, en dat zag er indrukwekkend uit. Ook erg lastig trouwens, zo’n bol met lucht onder je snavel! Maar je moet er iets voor over hebben, om indruk op de vrouwtjes te maken!!
En gelukkig zaten ook hier nog een paar blauwvoet boobies.

Om een uur of negen ’s morgens werden we afgezet bij het vliegveld op Baltra. En toen begon het wachten, want we vlogen pas op 12:45. Maar bijna de hele groep ging weg, dus het was wel gezellig op het vliegveld. De vlucht was… een vlucht. Nog een blik kunnen werpen op de eilanden, en toen werd het uitzicht blauw.
In Quito zaten we weer in hetzelfde hostel, Cafecito als eerder (en in Cuenca). En de volgende ochtend ging om 5:45 de wekker weer… tijd voor de reis naar Costa Rica!

Heerlijk geslapen, want hier was het water superkalm (en we waren om 21:00 aangekomen). We bleken ten anker te liggen tussen Isla Lobos en San Cristobal - daarom was het zo kalm. Het water was ook glashelder. Toen we met de dinghy een rondje gingen varen, kwamen de zeeleeuwen (lobos) al rond het bootje spelen, echt heel grappig. Het zijn net jonge hondjes!
Aan land klauterden we een stuk over de zwarte lavarotsen, en we vonden een verliefd stelletje blauw-voet boobies. Om hun liefde te uiten, tillen ze hun blauwe voeten een voor een hoog op, een heel komisch gezicht. Het mannetje legde ook steentjes bij zijn voeten, om ze nog meer te benadrukken. Even verder vonden we weer een stelletje, en de ene vogel had twee jonge boobies op zijn voeten zitten. Boobies zijn geen meeuwen, maar lijken er een beetje op. Ze vliegen boven het water tot ze visjes zien, en dan storten ze zich met ware levensverachting in het water - ze vouwen hun vleugels strak naar achteren. Soms gaat dat met drie, vier, of tientallen vogels tegelijk.

Na het ontbijt zijn naar Santa Fe gevaren, een eilandje zo groot als Paaseiland (dat is pas klein!), dat voor Santa Cruz ligt. Daar hebben we in een stille baai weer uitgebreid gesnorkeld. Het barstte hier van de Razor Surgeonfish. Een enorme helderblauwe parrotfish leidde mij af toen Joost een mooie, grote rog zag, maar even later zagen we samen een grote zeeschildpad voorbij zweven - en dat blijft een schitterend gezicht!
Daarna zijn we aan land gegaan, op safari om de landiguana op te zoeken (die we in het Charles Darwin Centrum hadden gezien). We hebben er twee gevonden - zoveel zijn er niet, en dan is zo’n eilandje van 24km2 best groot!

Española

Varen van Floreana naar Española duurde wel een uur of 8, dus we hebben weer een nacht liggen schommelen en waak-slapen. Maar we moesten toch om 5:45 op… Eerst naar het eiland, ontbijt kwam later. Española was fantastisch. Bij aankomst zaten de zeeleeuwen ons al op te wachten, met jonkies en al. En dan moet je echt om ze heen lopen, zoveel liggen er. Een kleintje kwam zelfs naar iemand van de groep toe om te kijken of er niet iets te halen viel!
Het was net een dierentuin, maar dan erger: om ons heen, op het pad, lagen zeeleeuwen, zwarte zee-iguana’s, boobies met blauwe voeten, gemaskerde boobies, hagedissen… noem maar op! En alle beesten trokken zich niets van ons aan, bleven gewoon hun ding doen (meestal luieren)! Zelfs jonge boobies zaten gewoon midden op het pad.
En zo liepen we tussen al deze dieren door naar het grasveld van de albatrossen. Dat zijn echt schitterende vogels. Zo groot als een gans, en zo waggelen ze ook. Albatrossen vliegen zo’n zes maanden rond over zee en landen dan hier op de Galápagos (en nergens anders!). Hier zoeken ze hun partner weer op, en krijgen ze hun kuiken. Als die kan vliegen, gaan ze weer de lucht in. En dat gaat hier goed: de grote vogels “rennen” naar de rand van de klif en springen er vanaf - rennend kunnen ze niet genoeg vaart maken om op te stijgen! Ze hebben geweldig fotogenieke koppen: doordringende zwarte ogen met mooie witte wenkbrauwen erboven. De snavel is stevig en donkergeel - daarmee ‘neuzen’ ze met elkaar als ze hun partner weer gevonden hebben, of moeten verdedigen tegen een andere vogel. Ik vond het echt heel erg mooie vogels.

Op het randje van de klif zagen we niet alleen opstijgende en vliegende albatrossen (ze vliegen met ‘hangende poten’), meeuwe met zwarte koppen en rode poten, meer zee-iguana’s en andere vogels, maar ook een blow-hole: in de rotsen zit een gat, waar heel veel water ingeperst wordt door de golven van de zee. Dat komt dan door een klein gat weer naar buiten, waar je een torenhoge wolk van water krijgt te zien. Spectaculair!

En toen was het tijd voor ontbijt…

Daarna hebben we gesnorkeld bij Isla Gardner (voor de kust van Española). We begonnen in een tunneltje, en zwommen om het eilandje heen. Hier zagen we weer scholen met King Angelfish, maar ook salema’s (kleine, zilveren visjes die in grote scholen zwemmen) en een triggerfish van 50 cm die een zeëegel aan het opeten was.

’s Middags zijn we aan land gegaan op Isla Gardner, waar honderden zeeleeuwen op het witte zand liggen te zonnen. Met z’n allen op een rijtje, knus te zonnen en luieren. Een erg leuk gezicht. En om op het strand te komen, loop je gewoon tussen ze door - ze blijven gewoon liggen! Alleen de mannetjes maken zich soms druk als je je te lang in hun domein begeeft. En dat met uitzicht op een groen-lichtblauwe-donkerblauwe zee… ik zeg maar niets meer :-)
We hebben hier ook nog wat gesnorkeld, en ik zag daar een zeeschildpad zich tegoed doen aan wier, op 3 meter diep. De dieren blijven hier gewoon bij je in de buurt!

Na terugkomst zijn we direct gaan varen naar San Cristobal. Dat betekende wel wat extra coordinatievermogen tijdens het diner met omvallende flesjes en volle borden, maar het ging goed.

Aantal dagen op reis:

7 maanden en 13 dagen

Wereldfoto's

www.flickr.com
  • Onze sites

  • Dit is al geweest